Vaak gevraagd bij leesbegrip
Deze vraag komt veel langs en dat snap ik wel: een tekstschema kost tijd, niet elke leerling doet er iets mee en het kan soms te veel moeite zijn voor een tekst die niet zo heel belangrijk is.
De vraag ‘moet ik altijd een schema laten maken?’ veronderstelt dat het schema het doel is en dat is het natuurlijk niet. Het doel is dat een leerling verbanden legt tussen de onderdelen van een tekst: tussen de titel en de eerste alinea, tussen oorzaak en gevolg, tussen wat er staat en wat er bedoeld wordt. Een schema, bijvoorbeeld in de vorm van een mindmap, is een belangrijke manier om dat zichtbaar te maken, maar het kan ook in een gesprek, in een tekening, een poster, of in een vraag die de leerling zelf stelt terwijl ze leest. De vorm doet er minder toe dan de vraag of het werkgeheugen iets heeft kunnen vasthouden om verder op te bouwen. Het gaat erom wat er zich in het hoofd afspeelt.
Een schema helpt wanneer de leerling het zelf maakt en er zelf over nadenkt. Het ontlast het werkgeheugen als de leerling verbanden in een schema weergeeft. Het helpt om dit te zien ontstaan en het zorgt ervoor dat de leerling gaat nadenken over die structuur. Maar als het schema het doel van onze begeleiding wordt, dan schieten we ons doel voorbij.
