Leesbegrip is gereedschap voor leren

Een leerling in de derde klas van het vwo vertelt me dat hij eigenlijk best goed kan lezen. “Als ik iets lees, dan snap ik het echt wel”, zegt hij, een beetje defensief.

Bij aardrijkskunde haalt hij onvoldoendes, bij scheikunde lukt het hem niet om opgaven goed te lezen, en bij economie begrijpt hij de theorie in het boek niet goed. Hij heeft op de basisschool keurig strategieën geleerd: hoofdgedachte bepalen, alinea’s samenvatten, signaalwoorden herkennen. Toch helpen ze hem hier niet en dat zie ik bij vrijwel al mijn VO leerlingen.

Rekenen zonder leesbegrip

Voordat ik bij het voortgezet onderwijs aankom, wil ik even terug naar de basisschool, want de gevolgen zijn daar minstens zo voelbaar, alleen worden ze soms aan iets anders toegeschreven.

Neem rekenen. Een leerling in groep 6 heeft de tafels prima onder de knie en begrijpt hoe optellen en aftrekken werkt. “Kale sommen” gaan goed, maar zijn leerkracht moet wel vaak uitleggen wat hij precies bij een opdracht moet doen. En misschien ken je dit soort opgaven wel: “Er staan 5 auto’s op de parkeerplaats. Elk halfuur komen er 2 bij en rijdt er 1 weg. Hoeveel auto’s staan er na anderhalf uur?” Bij dit soort contextopgaven gaat het bij hem ook structureel mis, omdat hij de tekst van de opgave niet goed verwerkt. Hij leest het wel, maar bouwt er geen beeld van op. Hij ziet “bij” en denkt “optellen”, hij ziet “weg” en denkt “aftrekken”, maar begrijpt niet wat er eigenlijk in dit verhaaltje gebeurt en doet vervolgens maar wat. Het gevolg is een rekenfout die eigenlijk een leesfout is.

Datzelfde gebeurt bij toetsen, bij zaakvakken als geschiedenis en aardrijkskunde, bij instructies voor een werkstuk, bij de manier waarop een leerling een opdracht opvat. Zelfs bij wiskunde. Leesbegrip is op de basisschool niet iets wat je tijdens het vak “Begrijpend Lezen” op dinsdagochtend oefent, maar het is de manier waarop een leerling de hele schooldag door informatie tot zich neemt, verbanden legt en begrijpt wat er van hem gevraagd wordt. Als dat niet goed ontwikkeld is, merk je dat dus overal.

Leesbegrip als leren

In het voortgezet onderwijs wordt die afhankelijkheid alleen maar groter. Naarmate leerlingen ouder worden, neemt de hoeveelheid tekst toe, en tegelijk wordt de tekst abstracter, dichter en vaktechnischer. Een leerling die in groep 7 nog redelijk meekwam omdat teksten overzichtelijk waren en de vragen beperkt, loopt in de brugklas of de tweede klas tegen een muur aan, omdat de teksten meer van hem vragen dan hij gewend is.

Wat ik bij mijn leerlingen in het voortgezet onderwijs steeds zie: ze willen eigenlijk dat de informatie vanzelf tot ze komt. Ze lezen tekst – te snel en eigenlijk zonder nadenken. In de hoop dat het er dan wel in zit. Ze zitten in een passieve houding tegenover de tekst, omdat ze niet weten hoe het anders moet.

Ik vraag de VWO leerling: “Hoe leer jij aardrijkskunde eigenlijk?” “Ik lees het gewoon een paar keer door.”

En als ik VO leerlingen vraag wat ze doen als ze iets niet snappen, krijg ik antwoorden als “ik lees de samenvatting”,  “nog een keer lezen” of “dan vraag ik het gewoon aan de leraar”.

Dat is begrijpelijk. Ze hebben op de basisschool geleerd dat leesbegrip een vak is met technieken: zoek de hoofdgedachte, onderstreep de signaalwoorden, vertel wat de kernzin is. Die technieken zijn productgericht: ze leveren een antwoord op, maar geen begrip. Als de toets klaar is, is ook het lezen klaar. En de relatie met leren is nooit echt gelegd.

Het probleem is niet dat die leerlingen ongemotiveerd zijn of geen moeite willen doen, maar dat niemand hun heeft uitgelegd wat leesbegrip eigenlijk is: wat er in je hoofd moet gebeuren als je leest en leert, en hoe je dat zelf kunt sturen.

Wat er in je hoofd moet gebeuren

Leesbegrip is het proces waarbij je van losse woorden en zinnen een samenhangend beeld opbouwt in je hoofd. Dat beeld ontstaat als je wat je leest verbindt aan alles wat al in je hoofd zit: kennis, ervaringen, beelden, gevoelens, waarden, taal. Dat geheel van verbindingen in je brein noem ik het relationele netwerk.

Wat leerlingen nodig hebben om dat beeld actief op te bouwen, zijn drie vaardigheden: visualiseren, verbinden en controleren. Visualiseren is het vormen van dat samenhangende beeld, het omzetten van woorden naar een voorstelling in je hoofd. Verbinden is het leggen van verbanden, binnen de tekst, maar ook met je eigen kennis en ervaringen en met de context van de tekst. Dit is meteen de kern van leren. En controleren is nagaan of je iets nog steeds begrijpt, of er iets niet klopt, of er een hûh-moment is dat je aandacht verdient.

Die drie vaardigheden lopen door elkaar heen tijdens het lezen, ze versterken elkaar, en ze zijn cognitief én metacognitief: je zet ze bewust in én je weet waarom je ze inzet.

Dat maakt leesbegrip tot iets anders dan een vak. Een aspect van een vak sluit je af, je haalt een cijfer en het is klaar. Maar gereedschap draag je met je mee. Je pakt het erbij als je leest, om de tekst te begrijpen. Bij biologie net zo goed als bij geschiedenis of bij een toetsvraag of de instructie voor een werkstuk.

Het hûh-moment

Het hûh-moment verdient hier extra aandacht, want het is het punt waar veel leerlingen afhaken zonder dat ze dat door hebben.

Stel, een leerling leest een alinea over de werking van een hormoon. Ergens in zijn hoofd klopt er iets niet, maar hij leest toch door. Aan het einde van de tekst heeft hij een vaag onbehaaglijk gevoel, en geen concreet begrip. De meeste leerlingen stoppen dan: “ik begrijp het gewoon niet”. Een enkeling leest de tekst nog een keer, waarna hetzelfde gevoel overblijft.

Wat hij had moeten doen, is het tegenovergestelde: meteen stoppen bij dat gevoel, het serieus nemen als signaal, teruggaan naar waar hij het nog wél snapte, en rustig, stukje voor stukje proberen te begrijpen wat er staat. Dat gevoel van “hûh, dit snap ik niet” is gewoon een signaal, het  punt waarop leren echt begint, als je het tenminste herkent en weet wat je ermee aan moet.

Veel leerlingen herkennen het hûh-moment niet als bruikbaar signaal. Ze ervaren het als een diffuse mislukking en lezen door in de hoop dat het later vanzelf duidelijk wordt. Alleen is dat meestal niet zo.

Bij alle vakken, de hele dag

Terug naar die leerling in de derde klas vwo die zegt dat hij “echt wel snapt wat hij leest”. Hij heeft niet gelogen, want hij is technisch een goede lezer, en als hij een boek leest, begrijpt hij het wel. Maar bij een aardrijkskundetekst moet hij begrippen verbinden aan processen, processen verbinden aan systemen, systemen verbinden aan wat hij al weet over de wereld en de mensen die er wonen. Bij een economietekst over conjunctuurschommelingen moet hij abstracte begrippen verbinden aan concrete voorbeelden, oorzaken verbinden aan gevolgen en dat allemaal controleren terwijl hij verdergaat. Dat vraagt een actieve lees- en leerhouding die hij niet heeft aangeleerd, niet bij economie, niet bij aardrijkskunde, en ook niet bij de andere vakken. En die vakken hebben hem dat ook niet geleerd, want leesbegrip staat niet op het rooster bij scheikunde.

Dat is de blinde vlek die ik in het onderwijs steeds zie: leesbegrip of inzicht wordt beschouwd als iets wat een leerling “heeft” of “niet heeft”, als een vaardigheid die afgerond is na de basisschool of hooguit na de onderbouw of bij Nederlands. In de bovenbouw wordt verwacht dat leerlingen zelfstandig en goed kunnen lezen. Als dat niet zo is, schrijf je dat toe aan motivatie, aan taalvaardigheid, aan de thuissituatie, aan het leerpotentieel van de leerling, aan van alles. Behalve aan het feit dat leesbegrip misschien nooit goed ontwikkeld is, of niet op het niveau dat nodig is om de teksten in de bovenbouw echt te kunnen begrijpen.

Losse strategieën helpen niet structureel

Ik zeg dit even expliciet, ook al klinkt het misschien als een open deur: het aanleren van losse strategieën verbetert het leesbegrip niet structureel. Een leerling die leert om de eerste en laatste zin van een alinea te lezen, leert een techniek. Een leerling die leert om signaalwoorden te onderstrepen, leert alleen signaalwoorden te herkennen.

Dat is niet de schuld van de strategieën op zichzelf. Verbinden is een belangrijke vaardigheid, maar de manier waarop het meestal wordt aangeleerd is erg technisch: “welke zinnen wordt met dit-of-dat signaalwoord verbonden”, “waar wijst dit verwijswoord naar” of bijvoorbeeld “wat voor soort verband is dit”. Maar verbinden is een veel bredere vaardigheid, waarbij het draait om het omgaan met verbanden binnen de tekst, met verschillende bronnen, maar ook met het eigen, unieke netwerk van kennis, ervaringen, gevoelens, waarden enzovoort. En visualiseren wordt zelden expliciet als denkproces besproken, terwijl het vormen van een beeld in je hoofd misschien wel de meest centrale activiteit is bij het lezen van een tekst.

Het verschil tussen een losse strategie en goed gereedschap zit in de vraag of een leerling weet wanneer en waarom hij het gebruikt. Een losse strategie werkt bij één vraagtype, op één moment en wordt vaak alleen geoefend in een specifieke setting. Maar gereedschap werkt overal waar iets te lezen valt. Het wordt een vaardigheid voor elke leessituatie.

Wat werkt wel

Wat werkt, is leerlingen inzicht geven in het denkproces zelf. Niet: “gebruik strategie X bij vraagtype Y”, maar: “dit is wat er in je hoofd moet gebeuren als je leest, en hier merk je aan of dat lukt of – nog – niet”. Dat vraagt om een andere aanpak, waarbij de vaardigheden visualiseren, verbinden en controleren niet als losse strategieën worden aangeleerd, maar als manieren van denken die de leerling zelf gaat herkennen en sturen.

Wat dat vraagt

Een leerling die begrijpt wat leesbegrip is, weet dat hij zelf een beeld opbouwt en dat dat beeld logisch is of niet. Die kan zijn eigen “hûh-moment” herkennen als startpunt om even terug te lezen of dieper na te denken. Zo’n leerling is in staat om bij elk vak actiever en beter te lezen en te leren. Want leren via teksten (en dat is wat leerlingen het grootste deel van hun schooltijd doen) vraagt een actieve lezer die weet wat er in zijn hoofd moet gebeuren.

Dat vraagt ook iets van de professional die met hem werkt. Niet alleen de RT’er of de leesspecialist, maar ook de vakdocent die ziet dat een leerling zijn biologietekst of wiskundeopgaven niet snapt, de intern begeleider die signaleert dat de leesproblemen zich over meerdere vakken uitstrekken, de leraar die in groep 5 al merkt dat een leerling bij de zaakvakken wegdroomt. Het begint bij de vraag: snapt hij het inhoudelijk niet, of weet hij niet hoe hij een tekst of vraagstelling moet begrijpen? Dat is een andere vraag dan die we gewoonlijk stellen.

De leerling in de derde klas vwo keek me even aan toen ik hem vroeg wat er in zijn hoofd gebeurde terwijl hij las. Hij dacht even na en zei toen: “Eigenlijk niets, moet dat dan? Ik lees het snel door zodat ik er ook snel klaar mee ben. En dan hoop ik dat ik het vanzelf begrijp.”

“En gebeurt dat dan?” vroeg ik. “Meestal niet.”


Schrijf je in om op de hoogte te blijven van LeesInzicht!

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat alles op onze site soepel verloopt. Deze kleine bestandjes helpen ons om je de best mogelijke ervaring te bieden. Klik op 'Akkoord' om door te gaan, of lees meer over hoe we cookies gebruiken in onze privacyverklaring. View more
Cookies settings
Akkoord
Niet akkoord
Privacy & Cookies
Privacy & Cookies policy
Cookie nameActive

Privacy

Bij LeesInzicht gaan we voorzichtig om met jouw gegevens. Omdat dat moet, maar ook omdat we dat willen. We bewaren je gegevens in een beveiligde omgeving en delen ze met niemand. Je gegevens zijn binnen LeesInzicht vertrouwelijk voor degenen die ermee moeten werken: de cursusleider en de administratie. Uiteraard zullen we jouw gegevens nooit doorverkopen (we kopen ook nooit gegevens) en we houden ons aan de wettelijke bewaartermijnen.Het onderstaande gaat over de gegevens die wij van jou verzamelen: wat verzamelen we en hoe zorgen wij dat dit veilig blijft.

Jouw gegevens als bezoeker van onze website

Van bezoekers van onze website willen we eigenlijk liever zo min mogelijk weten. Maar we ontkomen er niet aan om wat gegevens vast te leggen. Onderstaande punten zijn daarbij voor jou van belang:
  • Cookies
Om ervoor te zorgen dat wij een website hebben waar mensen ook echt iets aan kunnen hebben, is het voor ons nodig dat we weten hoeveel bezoekers er bijvoorbeeld komen, of ze vaker terugkomen en waar ze op klikken. Dit wordt gevolgd met Google Analytics. Als je daar toestemming voor geeft, worden er om die reden “cookies” op je computer gezet. Je krijgt hiervan een melding als je onze site bezoekt. Verder gebeurt er helemaal niets mee: je krijgt op onze site geen advertenties te zien en we bestoken je ook niet met berichtjes over een pagina die je hebt bezocht. Heb je een akkoord gegeven, dan blijven de cookies uiterlijk 12 maanden geldig. Daarna vervallen ze en krijg je bij het bezoeken van onze site opnieuw de vraag of je ze wel of niet toestaat.
  • E-mail
Meld je je aan voor een e-mail lijst, dan sturen we je met enige regelmaat e-mails. Je kunt zich daar zelf op verschillende plekken op de site van LeesInzicht voor aanmelden.Het is niet mogelijk dat iemand anders jou aanmeldt, want je moet dit ook altijd nog bevestigen via een e-mail die we je sturen. Tot we die bevestiging hebben, sturen we je helemaal niets.Je kunt zelf aangeven welke mails je wel of niet wilt ontvangen en je kunt je op elk moment weer uitschrijven via de link “afmelden” onderaan elke mail.Om jou mails te kunnen sturen hebben we je e-mailadres nodig. Ook vragen we je om je naam omdat we het fijn vinden om je bij die naam te noemen. Dat kan je eigen naam zijn, maar verzonnen naam als je dat fijner vindt. Via de link “mijn voorkeuren aanpassen” onderaan elke e-mail kun je altijd bekijken welke gegevens wij van je hebben opgeslagen.

Je gegevens als je contact met ons opneemt

Op onze website kun je via het contactformulier contact met ons opnemen. Je kunt een bericht sturen met een vraag of opmerking, of om je aan te melden voor een cursus of training. In die gevallen hebben we informatie van je nodig, zodat we weten wat jij wilt en hoe we contact met u kunnen opnemen.Vanaf onze website worden de gegevens alleen naar LeesInzicht gestuurd.

Jouw gegevens als klant

Om je goed van dienst te kunnen zijn als klant, en om aan onze wettelijke verplichtingen te kunnen voldoen, hebben we de volgende gegevens van je nodig:
  • je naam
  • eventueel de bedrijfsnaam
  • je post- en factuuradres
  • je e-mailadres
De overige gevraagde zaken zijn niet verplicht, zoals je telefoonnummer, en in het geval van een cursus het aangeven of er (di-)eetwensen zijn of welke functie je hebt. Je postadres is nodig om je bestelling of cursusmaterialen naartoe te kunnen sturen. Je factuuradres is – uiteraard – nodig voor de factuur. Je e-mailadres gebruiken we om je te kunnen informeren over je bestelling.

Verplicht

We bewaren je gegevens alleen digitaal in een overzicht om te controleren of we aan onze verplichtingen naar jou toe voldoen. Zo bewaren we jouw gegevens (naam, adresgegevens en cursusgegevens) in een kleine database op onze beveiligde OneDrive, zolang je klant bent en tot maximaal 5 jaar daarna. Ook bewaren we een deel ervan digitaal in E-boekhouden, een boekhoudprogramma waarmee wij facturen sturen. De financiële administratieve gegevens (alles wat op je factuur staat) moeten volgens de wet 7 jaar bewaard blijven.Als je je hebt aangemeld voor een cursus, e-cursus of abonnement, dan wordt op www.leesinzicht.nu een wordpress account voor je aangemaakt, zodat je kunt inloggen op het membershipdeel en/of de e-learning omgeving. Daarvoor is alleen je naam, e-mailadres en wachtwoord nodig. Je kunt ons op elk moment verzoeken om je gegevens te verwijderen en we zullen dat dan direct doen. Behalve uiteraard de gegevens die we wettelijk gezien moeten bewaren.  

Onze gegevens

  • foto’s op onze site
Op onze site vind je foto’s met een mensen erop. Soms gaat het om een “model”, maar we maken heel af en toe ook foto’s in een echte cursussituatie. Hiervoor is vooraf expliciet toestemming gevraagd aan iedereen op de foto en meestal ook nog nadat de foto is gemaakt. Mensen op de foto kunnen op elk moment aangeven dat we de foto moeten verwijderen. Dat is nog nooit gebeurd, maar mocht iemand dat willen, dan zullen we dat ook acuut doen.Er zijn ook foto’s gebruikt die wij gekocht hebben. Het gaat om rechtenvrije foto’s, dus de personen die erop staan zijn modellen en de fotograaf heeft de rechten vrijgegeven zodat wij ze “zomaar” mogen gebruiken.
  • ervaringen
Ook staan er op sommige plekken ervaringen van cursisten of klanten beschreven als citaat. Dit zijn altijd echte ervaringen, ook al zijn ze anoniem. Als er een naam bij staat, dan hebben we daar ook weer expliciet toestemming voor gekregen, die ook altijd weer ingetrokken kan worden.

Onze veiligheid

We gaan ervan uit dat jij ook met onze gegevens voorzichtig omgaat. Iedereen mag altijd contact met ons opnemen via deze site, maar wel alleen met het doel van de site: om informatie te krijgen over LeesInzicht, leesbegrip of ons aanbod. Als je zelf een bedrijf hebt, mag je onze gegevens niet gebruiken om ons ongevraagd aanbiedingen te doen. En je mag ook geen contact met ons opnemen met een politiek of godsdienstig doel. Simpelweg: je mag de contactgegevens alleen maar gebruiken waar ze voor bedoeld zijn.Ook mag je niets van deze site gebruiken zonder onze toestemming. Dat geldt dus voor alle foto’s, citaten, teksten, illustraties, videobeelden, maar ook voor de onderliggende codes van de website.

Beschermen

We doen ons uiterste best om onze website veilig te houden en te beschermen tegen bijvoorbeeld virusaanvallen. Dat doen we door de website te laten “draaien” vanaf beveiligde servers en door alle software steeds up-to-date te houden. Je moet er altijd wel zelf voor zorgen (in jouw eigen belang) dat jouw computer of mobiel goed beschermd is tegen virussen en ook dat je jouw persoonlijke inloggegevens niet met anderen deelt.

Een probleem

We doen er dus alles aan om respectvol om te gaan met jouw persoonlijke gegevens. Maar vind je toch dat wij niet goed omgaan met jouw persoonlijke gegevens, dan neemt u het liefst eerst met ons contact op via elvira@leesinzicht.nu of 0572-850400 (dan krijg je Obalo aan de lijn, de RT-praktijk van Elvira), via deze website of per post. Dan kunnen we met jouw klacht aan de slag om de privacy te verbeteren.Wanneer je dan nog steeds niet tevreden bent over hoe LeesInzicht omgaat met jouw persoonlijke gegevens, dan kun je een klacht indienen bij de autoriteit persoonsgegevens.

Vragen

Is het je nog niet duidelijk of heb je  een vraag of opmerking over de privacy bij LeesInzicht, neem van vooral contact met ons op, via Obalo:info@obalo.nl / elvira@leesinzicht.nu0572-850400 Raalte, 20 februari 2024
Save settings
Cookies settings